Twee bekende witte cultivars
Wit is bij astilbe een van de basiskleuren, naast roze en rood. Twee witte cultivars springen eruit:
- 'Brautschleier' is een Arendsii-hybride, Duits voor bruidssluier. Hij wordt een halve tot een hele meter hoog. De open, kegelvormige pluimen worden tot 25 centimeter lang en gaan uit groene knoppen zuiver wit open, midden in de zomer. Het glanzende, heldergroene blad kleurt in de herfst geel. De RHS gaf hem de Award of Garden Merit.
- 'Deutschland' is een japonica-hybride van ongeveer 65 centimeter. Hij bloeit vroeger, in de late lente of vroege zomer, met wat overhangende witte pluimen van zo'n 18 centimeter boven glanzend groen blad. Ook hij heeft een RHS-onderscheiding.
Wie lang wit wil, combineert de vroege 'Deutschland' met de latere 'Brautschleier'.
Wit brengt licht in de schaduw
In de schaduw ogen donkere kleuren vaak dof, terwijl wit opvalt. Daarom is witte astilbe een goede keuze voor een border op het noorden, onder grote bomen of langs een schaduwkant van het huis. In de schemering blijven de witte pluimen nog lang zichtbaar, wat ze mooi maakt bij een terras waar je 's avonds zit.
Hosta's, varens en siergrassen voor de schaduw zijn goede buren; hun blad versterkt de lichtheid van de pluimen. Omdat astilbe goed tegen klei kan, past hij ook op zware grond die vocht vasthoudt, waar veel andere vaste planten het moeilijk hebben. Voor een rustige, groen-witte tuin combineer je witte astilbe met groenbladige planten en lichte bloemen.
Planttips voor witte astilbe
- Plant in groepjes van drie of vijf. Eén losse plant valt al snel weg.
- Meng compost door het plantgat; astilbe houdt van humusrijke, voedzame grond.
- Geef water in droge tijden. Bij droogte verbranden de bladranden en verwelken de witte pluimen snel.
- Na de bloei kleuren de witte pluimen bruin. Laat ze als wintersilhouet staan of knip ze weg als je het strakker wilt.
Astilbe staat in tuinbronnen bekend als niet giftig voor honden en katten.