Een egel uit de prairie
Het geslacht Echinacea hoort bij de composietenfamilie en telt negen of tien soorten. Ze komen alleen voor in Noord-Amerika ten oosten van de Rocky Mountains, op prairies en in lichte bossen. De wetenschappelijke naam komt van het Griekse ekhinos, egel of zee-egel, en verwijst naar het stekelige hart van de bloem wanneer het zaad rijpt.
De bekendste soort is Echinacea purpurea, in het Nederlands de rode zonnehoed. In de zon wordt hij zeventig tot honderdtwintig centimeter hoog en draagt hij bloemen van ongeveer tien centimeter breed. Andere soorten zijn bijvoorbeeld Echinacea pallida en Echinacea paradoxa; die laatste is de enige die van nature geel bloeit.
Meer kleuren dan de naam doet vermoeden
In het wild lopen de lintbloemen van donkerpaars via lichtroze tot wit of geel. Doordat soorten makkelijk met elkaar kruisen, zijn er in tuinen nu ook oranje, rode en tweekleurige zonnehoeden. Een aantal bekende cultivars is in Nederland ontwikkeld, zoals de roze, gevulde 'Pink Double Delight'.
De rode zonnehoed is een vaste plant. Hij bloeit vooral in juli en augustus, vaak tot in september, en wil zon en grond die vocht vasthoudt maar niet drassig wordt. In de vaas blijft hij ongeveer een week tot tien dagen goed.
Wat weet men over echinacea als middel?
Echinacea wordt al lang gebruikt bij verkoudheid en griep, en preparaten zijn overal te koop. Het wetenschappelijke bewijs dat het werkt, is echter zwak of niet overtuigend. Middelen kunnen allergische reacties geven, in zeldzame gevallen ernstig, en bij langdurig gebruik zijn leverklachten beschreven.
Gebruik je medicijnen, overleg dan eerst met een arts of apotheker.
Huisdieren
De zonnehoed geldt als niet giftig voor katten en honden. Eet een dier er veel van, dan kan het wel last krijgen van braken of diarree.