De kleur van de wilde soort
Gerbera jamesonii bloeit in het wild meestal oranjerood, met bloemen van maar 4 tot 5 centimeter breed. Zijn Afrikaanse naam rooigousblom begint niet toevallig met rooi, rood. Veredeling heeft de kleur dieper en helderder gemaakt en de bloem flink vergroot. Van alle gerberakleuren staat rood dus het dichtst bij het origineel uit Mpumalanga en Limpopo.
Wat zeg je met rood?
Rood wordt traditioneel geassocieerd met liefde en hartstocht. Door de open, vrolijke vorm komt een rode gerbera toch lichter over dan een rode roos. Daardoor past hij net zo goed bij een verjaardag, een geslaagd examen of een bedankje voor een buurvrouw.
Combinaties die goed werken:
- rood met wit voor een fris, klassiek boeket;
- rood met oranje en geel voor een warm, zonnig geheel;
- donkerrood met koper- en roestkleuren in de herfst;
- een enkele rode gerbera in een smalle vaas voor een strak, modern effect.
Rechte stelen, langer plezier
Een rode gerbera met een geknakte kop is een bekende teleurstelling. Wagenings onderzoek wijst uit dat het knikken begint in het bovenste stuk van de steel, 10 tot 15 centimeter onder de bloem. Daar raakt de steel water kwijt en ontbreekt stevig steunweefsel. Wat verdamping beperkt, helpt dus.
- Haal thuis meteen een paar centimeter van de steel af met een scherp mes.
- Kies een schone vaas zonder resten van een vorig boeket.
- Zet de vaas niet in de zon of naast de verwarming.
- Ververs het water regelmatig en snijd daarbij opnieuw een stukje van de steel.
Voor wie?
Een rode gerbera is een goede keuze voor wie veel kleur wil in een huis met huisdieren. ASPCA beoordeelt de gerbera als niet giftig voor katten, honden en paarden. Als potplant wil hij veel licht; buiten op een beschut terras bloeit hij in de zomer langer dan binnen, maar vorst verdraagt hij niet.