De maanorchidee als stamvader
De typesoort van het geslacht, Phalaenopsis amabilis, bloeit van nature wit. Hij groeit op eilanden in Zuidoost-Azië, in Nieuw-Guinea en in Noordoost-Australië. Zijn bloemen worden zes tot zeven centimeter lang, op een tak van dertig tot vijfenzeventig centimeter, en de lip heeft gele en roodachtige tekening.
In Indonesië heet hij anggrek bulan, maanorchidee, en hij is een van de drie nationale bloemen van dat land. De soort was ook een van de ouders van de eerste door mensen gemaakte Phalaenopsis-hybride en staat aan de basis van veel huidige witte cultivars.
Wit in het bruidsboeket
Witte orchideeën worden traditioneel geassocieerd met zuiverheid en verfijning. Daarom zie je ze vaak bij bruiloften: losse bloemen in een strak boeket, of lange takken die over de rand naar beneden hangen. Wit staat bovendien bij elk interieur, dus als potplant is het een veilige keuze als je de smaak van de ontvanger niet kent.
Ook bij een condoleance kiezen mensen vaak voor wit.
Opnieuw in bloei
- Hangt de laatste bloem eraf, knip de stengel dan net boven het tweede knopje (oog) van onderen. Daaruit kan een zijtak met nieuwe bloemen groeien.
- Is de stengel helemaal geel geworden, knip hem dan vlak boven het blad af en wacht op een nieuwe tak.
- Koelere nachten in het najaar helpen. Zet de plant dan bij een koel raam, uit de buurt van de verwarming.
- Kijk naar de bladkleur. Lichtgroen is goed; donkergroen en stug blad wijst op te weinig licht.
- Verpot elke een tot twee jaar in verse orchideeënschors, op het moment dat er nieuwe groei verschijnt.
Huisdieren
Volgens de ASPCA is de vlinderorchidee niet giftig voor katten, honden en paarden. Een witte orchidee mag dus gerust in een huis met een kat staan, al is het natuurlijk geen speelgoed om aan te knabbelen.