De oerkleur
De wilde kerstster op de berghellingen van Mexico heeft rode schutbladen. Van daaruit zijn alle andere kleuren gekweekt. Toch is rood niet gelijk aan rood. Een paar rassen ter vergelijking:
- 'Solar Red' wordt helder scharlakenrood en heeft een compacte, ronde vorm. Hij is later in het seizoen te koop.
- 'Viking Red' heeft grote, karmijnrode schutbladen met gladde randen, donkergroen blad en verdraagt kou opvallend goed.
- 'Prestige Maroon' is donkerrood tot bordeaux, met grote schutbladen in de vorm van eikenblad. Temperatuurverschillen geven nuances in de kleur.
Een goede plant uitkiezen
Kies een volle, goed vertakte plant die ook onderin nog groene bladeren heeft. Laat planten met gele of gevallen onderbladeren staan. Een compacte plant overleeft het vervoer beter dan een lange, ijle. Laat de plant bij vorst goed inpakken en zet hem thuis niet direct naast de verwarming of de voordeur.
Na de feestdagen
Met genoeg licht en een gelijkmatige temperatuur houdt een rode kerstster zijn kleur vaak tot ver in het nieuwe jaar. Daarna kun je hem gewoon als groene kamerplant houden. In de zomer staat hij graag licht, en door de toppen te knijpen blijft hij vol. Opnieuw kleuren vraagt in het najaar zo'n zes weken met lange, volledig donkere nachten van 14 uur.
Een straatlantaarn of een lamp in de kamer kan dat al verstoren. Veel mensen zien de kerstster daarom als seizoensplant, en dat is ook prima.
Over het melksap
De reputatie van de rode kerstster als gifplant is groter dan nodig. Volgens de ASPCA kan het melksap de mond en maag van een huisdier irriteren en soms braken veroorzaken, maar wordt de giftigheid meestal overdreven. Zet de pot toch buiten bereik van je kat of hond.